
In Nederland is streaming niet langer alleen een alternatief voor traditionele televisie. Het is uitgegroeid tot een van de belangrijkste manieren waarop mensen sportevenementen volgen, films en series bekijken, muziek beluisteren, lessen bijwonen en op de hoogte blijven van het nieuws. De verspreiding van snelle internetverbindingen, smartphones, smart-tv’s en digitale abonnementen heeft ervoor gezorgd dat content direct en onafhankelijk van vaste uitzendschema’s toegankelijk is.
Deze verandering is vooral zichtbaar onder jongere generaties, maar raakt inmiddels een groot deel van de bevolking. In Nederland gebruikt ongeveer 97% van de bevolking internet, waardoor er een gunstige omgeving is ontstaan voor de ontwikkeling van digitale diensten. De kijker hoeft niet langer op een vast tijdstip voor de televisie te zitten, maar kan zelf bepalen wat hij bekijkt, op welk apparaat en wanneer hij de uitzending onderbreekt of hervat.
Sport is een van de sectoren die het duidelijkst laat zien hoe de Nederlandse kijkgewoonten veranderen. Voetbal speelt nog altijd een centrale rol, vooral dankzij wedstrijden uit de Eredivisie, Europese competities en duels van het Nederlands elftal. Naast voetbal is er veel belangstelling voor de Formule 1, wielrennen, tennis, hockey en schaatsen.
Live-uitzendingen blijven essentieel, omdat de aantrekkingskracht van een sportwedstrijd ook voortkomt uit de mogelijkheid om het evenement te beleven terwijl het plaatsvindt. Dankzij streamingplatforms kan iemand een wedstrijd volgen op de televisie thuis, via een smartphone onderweg of op een computer tijdens andere activiteiten. Sommige diensten bieden bovendien statistieken, directe herhalingen, alternatieve commentaren en analyses die ook na afloop beschikbaar blijven.
De vraag naar sportcontent draagt rechtstreeks bij aan de ontwikkeling van de markt. In het eerste kwartaal van 2025 bereikte de Nederlandse markt voor betaaltelevisie en videostreaming een omzet van 753 miljoen euro, een stijging van 5,7% ten opzichte van een jaar eerder. Vooral sportpakketten en afzonderlijk aan te schaffen content behoorden tot de sterkst groeiende categorieën.
Een aanzienlijk deel van het streaminggebruik blijft verbonden met films, documentaires en televisieseries. Internationale platforms bestaan naast Nederlandse diensten en de digitale aanbiedingen van traditionele omroepen. In 2025 behoorden YouTube en Netflix tot de meest gebruikte videodiensten in Nederland, waarbij beide platforms bijna de helft van de internetgebruikers bereikten.
Digitaal entertainment omvat ook concerten, videopodcasts, content van influencers, virtuele evenementen en livestreams rond videogames. Binnen hetzelfde digitale ecosysteem vallen ook specifiekere activiteiten, zoals online casinospellen bij 777 NL, waarbij streamingtechnologie wordt gebruikt om live tafels en interacties in realtime aan te bieden. Dit is echter slechts een van de vele toepassingen binnen een veel bredere en gevarieerde markt.
Streaming wordt inmiddels ook ingezet in sectoren die ver afstaan van entertainment. Universiteiten, scholen en opleidingsplatforms zenden lessen, seminars en professionele cursussen uit, zodat studenten op afstand kunnen deelnemen of de inhoud later opnieuw kunnen bekijken.
In het bedrijfsleven worden webinars, productpresentaties, conferenties en interne bijeenkomsten gestreamd. Ook musea, culturele instellingen en overheidsorganisaties kunnen live-uitzendingen gebruiken om een groter publiek te bereiken. Binnen de commerciële sector groeit daarnaast het gebruik van interactieve video’s voor productdemonstraties en liveverkoop.
De groei van streaming betekent niet noodzakelijk dat traditionele televisie op korte termijn volledig zal verdwijnen. Beide modellen zullen waarschijnlijk naast elkaar blijven bestaan, vooral voor nieuwsuitzendingen, grote nationale evenementen en programma’s die op hetzelfde moment een breed publiek weten te bereiken.
De richting van de markt is echter duidelijk. In het eerste kwartaal van 2024 vertegenwoordigde streaming in Nederland al 25% van de gemiddelde dagelijkse kijktijd, tegenover 21% voor lineaire televisie. Gebruikers zoeken flexibiliteit, gepersonaliseerde catalogi en toegang via verschillende apparaten. Daarom zal streaming niet alleen blijven bepalen hoe Nederlanders sport en entertainment volgen, maar ook hoe zij studeren, werken, winkelen en deelnemen aan het culturele leven.